‘Je kunt geen socialisme maken zonder een paar bourgeois eieren te breken’, zei Stalin eens. In de laatste Tribune stond een zeer positief interview met Prakash Karat, de algemeen secretaris van de Communist Party of India (Marxist). Zijn partij heeft de laatste paar jaren enkele keren laten merken Stalin’s houding te kunnen delen, alleen is hun doel blijkens het interview niet eens ‘anti-kapitalisme’ maar slechts ‘meer democratie’. Het meest grove voorbeeld hiervan waren de gevechten in Nandigram, een gebied dat geregeerd word door de CPI(M). Ronald van Raak, die het interview afnam, maakt er weinig woorden aan vuil; “In Nandigram kwamen boeren in opstand die werden uitgekocht voor de vestiging van een petrochemisch bedrijf uit Indonesië. Het leidde tot rellen en geweld, waarbij doden en gewonden vielen. Kritiek van andere linkse partijen bleef niet uit, onder meer van de kleinere maoïstische partij.” Blijkbaar vond Van Raak deze gebeurtenissen niet belangrijk genoeg om vragen over te stellen aan Karat, het zou misschien ook de toon van het interview ontregeld hebben. Maar de lofzang op de CPI(M) word toch wel wat minder geloofwaardig als hun misstappen zo makkelijk onder het tapijt geveegd worden.

Wat gebeurde er namelijk in Nandigram?

De boeren die in verzet kwamen waren bang dat hun land onteigend zou worden, niet gekocht. Als uitkopen tot een oproer leidde, dan moeten die boeren toch wel enigszins ontevreden zijn over de prijs die ze voor hun land kregen. Het verzet in Nandigram was echter zo hevig omdat de boeren dachten helemaal geen rooie cent te krijgen; pas na dat op 14 maart het geweld een hoogtepunt bereikt had kwam de regering met de verklaring dat er geen land onteigend zou worden. Wat voor die tijd circuleerde was een ‘informele’ verklaring van de Haldia Development Authority waarin het gebied aangewezen werd als bestemming voor een chemische fabriek. Hoe kan een ondertekende verklaring van een overheidsorgaan, bestemd voor verspreiding onder het publiek, ‘informeel’ zijn? Waarom moesten er eerst mensen sterven voordat op 16 maart de CPI(M) verklaarde dat er geen gedwongen beslag zou worden genomen op land? Deze verklaring, waarin de lokatie en de omvang van de chemische fabriek gespecifeerd werd, was het startsein voor de onrust.

Tot in maart verklaarde een vertegenwoordiger van Salim, het bedrijf dat de chemische fabriek in gebruik zou nemen, dat al besloten was dat deze in Nandigram gevestigd worden. Trouwens, Salim is in handen van de familie van onlangs overleden Indonesische dictator Soeharto, niet echt een groep die bekend staat om sociaal verantwoord ondernemen. Nandigram zou niet de eerste keer zijn geweest dat boeren van hun land gejaagd zouden worden om plaats te maken voor buitenlandse industrie: in Singur, in West Bengal – ook geregeerd door de CPI(M) - moesten boeren plaats maken voor een autofabriek.

In een artikel met de titel ‘What really happened in Nandigram’ doet Prakash Karat zijn best om zijn partij vrij te pleiten van de beschuldigingen. Volgens hem is die controverse rond de gebeurtenissen een campagne van de heersende klassen tegen de CPI(M) – hun critici van de extreem-rechtse BJP tot de maoïsten bestempelt hij als ‘reactionairen’. Volgens hem was er sprake van een campagne om dorpen te zuiveren van de CPI(M); partijleden werden verdreven, hun huizen in brand gestoken en er vielen zelfs doden. Maar terwijl Karat dit geweld veroordeelt blijft hij zwijgen over ander geweld.

Dat al op 3 janauri de politie het vuur opende op demonstranten, dat er na 3 januari kampen rondom de protesterende dorpen werden opgezet en dat in deze kampen CPI(M) symphatisanten zich verzamelden en er wapens werden aangevoerd bijvoorbeeld. De CPI(M) mag dan regeringspartij zijn, blijkbaar had ze er toch geen vertrouwen in dat de politie op eigen kracht de orde zou kunnen herstellen… Volgens de dorpelingen zou de politie plaats maken voor deze knokploegen en zouden deze samenwerken met lokale CPI(M) bestuurders. De aanvallen op CPI(M) zouden vergeldingen zijn voor moorden gepleegd door deze knokploegen, maar daar heeft Karat het niet over. Als Karat de onruststokers ervan beschuldigd wegen en bruggen onbegaanbaar gemaakt te hebben heeft hij het er ook niet over dat dit na de eerste schermutselingen gebeurde en dat de dorpelingen bevreesd waren voor retaliaties.

Ongeacht van de precieze volgorde of achtergrond van de gevechten in Nandigram heeft de CPI(M) daar op een alles behalve democratische manier opgetreden. Gewapende partij-activisten namen deel aan gevechten en controleerden de identiteit van mensen die in gebied rondreisden. Mensen werd de toegang geweigerd, journalisten geintimideerd…
Hoe is dat te verenigen met een streven naar ‘meer democratie’? De CPI(M) is een parlementaire regeringspartij maar wil blijkbaar naast de politie ook nog over eigen strijdkrachten kunnen beschikken…

De Bhumi Ucched Pratirodh Committee, het comité dat het protest organiseerde, is volgens Karat een combinatie van reactionaire vijanden van de CPI(M). Maar Nandigram is een links bolwerk, ongeveer de helft van de stemmen gaat er naar normaliter naar de Communist Party of India of naar de CPI(M). Als dit comité inderdaad gevormd wordt door rechtse krachten, dan heeft de CPI(M) het wel heel erg bont gemaakt dat de dorpelingen blijkbaar massaal rechts verkiezen voor de CPI(M) of hun coalitiepartner in het Links Front! Voormalige CPI(M) activisten steunden de protesten omdat zij geen heil zagen in het project. Het ging hier immers niet om zomaar een chemische fabriek maar het opzetten van een Special Economic Zone. Dergelijke SEZ’s worden opgezet om buitenlandse bedrijven te lokken met de beloftes van extra gunstige voorwaarden. Zoals een voormalige CPI(M) supporter, ex-vakbondsvoorzitter Pratap Chandra Mondal, het verwoordde: “I supported the CPI(M) and was the President of the Shiksha Karmi Union. Now, I am actively supporting the movement. They are forcefully taking away land for business interests. We want industry but not SEZ. Because in SEZ there are no labour laws, no minimum wages etc. The CPI (M) came to power because they represented the working class and now they have become enemies of the working class.” Ook andere CPI(M) leden veroordeelden het optreden van hun partij. Ashok Mitra, voormalige minister van financiën in de eerste Links Front regering, plaatst de zwaarste schuld voor het geweld bij de regering en veroordeelde het liberale economische beleid dat ermee doorgezet word.

Als reactie op alle kritiek organiseerde Vijay Prashad, lid van een CPI(M) denktank, een open brief waarin onder het motto dat links niet onderling verdeelt moet raken, het optreden van de partij goedgepraat werd. Het is teleurstellend dat linkse kopstukken als Noam Chomsky en Tariq Ali hier in zijn getuind. De pro-CPI(M) verklaring lokte een woedende reactie uit van Indische intellectuelen, onder hen Arundhati Roy, waarna Susan George haar steun aan de eerste verklaring introk. In een reactie hierop kwalificeerden enkele ondertekenaars, Vijay Prashad was niet een van hen, hun steun voor de CPI(M); “Our statement did not lend support to the CPM’s actions in Nandigram or its recent economic policies in West Bengal, nor was that our intention. On the contrary, we asserted, in solidarity with its Left critics both inside and outside the party, that we found them tragically wrong.”

Een piek in het geweld vond plaats op 14 maart toen de politie Nandigram binnentrok, in de woorden van de CPI(M), “to see that the roads, culverts and bridges are repaired and the administration restored.” Dit was dus in de context dat dorpelingen goede redenen hadden om te vrezen dat zij van hun land verjaard zouden worden en nadat leden en symphatisanten van de CPI(M), een regeringspartij, al weken lang betrokken waren bij een campagne van geweld en intimidatie. Volgens verschillende kranten was de menigte die de politie tegenkwam vreedzaam verenigd in een religieuze ceremonie. Maar laten we ervan uit gaan dat de CPI(M) de waarheid spreekt en de politie inderdaad onthaald werd met stenen en zelfgemaakte vuurwapens. De feiten spreken voor zich; de politie vuurde een kwartier lang in de menigte, waarna nog anderhalf uur gevochten werd. Het resultaat; 14 doden, 30 vermisten, meer dan 200 gewonden, plundering van huizen en minstens twee vrouwen die verkracht werden. Oh, en 6 agenten raakten lichtgewond. Dit was het werk van de politie van een deelstaat geregeerd door een partij die zich ‘links’ noemt en zegt te streven naar ‘meer democratie’.

Nandigram en Singur waren twee opvallende voorbeelden waar de ‘democratische’ en ‘rode’ CPI(M) aan de kant van grote industrie tegenover de vaak straatarme boeren stond. En het blazoen van deze partij heeft wel meer vlekjes. Om er nog eentje te noemen: Taslima Nasreen, een schrijfster uit Bangladesh die opkomt voor vrouwenrechten en schrijft over de slechte behandeling van vrouwen in haar geboortestreek moest naar India, naar West Bengal, vluchten na bedreigingen door religieuze fundamentalisten en een aanklacht door de staatscensuur. Ook na haar vlucht is Nasreem verschillende keren aangevallen en bedreigd. Kort geleden moest Nasreen weer vluchten, nu naar New Delhi. Ze werd West Bengal uitgejaagd omdat ze ‘de islam’ beledigd zou hebben en fundamentalistische organisaties gewelddadige demonstraties tegen haar hielden met de eis dat ze terug naar Bangladesh gestuurd zou worden. Wat deed de CPI(M)? Die vond ook dat Nasreen moest oprotten; “ if her stay creates a problem for peace, she should leave the state” verklaarde CPI(M) state secretary Biman Bose. De CPI(M) moet sowieso niet al te veel hebben van deze feministische, seculiere, anti-oorlogs schrijfster, al een paar jaar geleden probeerden deze ‘democraten’ haar boek Dwikhondito te verbieden.

Jammer genoeg vond Van Raak dit soort gebeurtenissen niet de moeite waard om zijn gastheer nader aan de tand over te voelen. De positieve resultaten van de CPI(M) zijn het hopelijk toch niet waard dat er regelmatig mensenlevens worden geofferd aan de vooruitgang? Van Raak beschrijft de CPI(M) als “een bestuurderspartij, die het zich niet kan veroorloven om te verzanden in theoretische discussies over de juiste weg van het socialisme, zoals in Europa vaak gebeurt. Deze bestuurders moeten zoeken naar praktische oplossingen voor de alledaagse problemen van mensen.” Karat: “Socialisten die willen besturen moeten vooral leren luisteren. Wij zijn niet bezig met antikapitalisme, maar met democratisering.” Allemaal leuk en aardig, maar als besturen moord en geweld inhoudt, waar ben je dan als linkse partij mee bezig? Regeren is slechts een middel, geen doel op zich. De CPI(M) zou niet de eerste partij zijn die naarmate ze haar ideologische veren afschudt dat vergeet. En niet de eerste die daar de bittere vruchten van moet proeven, de vooruitzichten voor de CPI(M) zijn niet erg gunstig.

Misschien zou het toch geen kwaad kunnen als de CPI(M) eens zou nadenken over waarom ze nou eigenlijk regeren en wat socialisme eigenlijk is, in plaats van slechts business as usual te volgen en gefixeerd te zijn op groei-cijfers en investeringen, het soort politiek dat de SP in Nederland terecht tot een speerpunt van hun kritiek gemaakt heeft. Dan zou deze partij ook eens de portretten van Stalin de deur uit kunnen doen en daarmee diens methoden.